MvA deel II: In ieder geval geen yoga erna..

Ik voelde me blij en nog lang niet moe toen we eindelijk weer in bewoond gebied kwamen. De eerste 25 km met daarin het saaiste deel langs de Amstel zat erop. Hier stonden weer wat meer mensen verscholen onder bruggen en viaducten. Ik had het met ze te doen. Ik liep in mijn korte broek en dito mouwen. Toch had ik het niet koud. Maar als ik naar de supporters keek, kreeg ik het wel koud. Gewapend met ponchos tegen de regen over hun dikke winterjas zag ik zelfs een aantal met hun trillende handschoenen de drubbels van hun brillen vegen.

Ik dacht aan mijn kersverse mentale begeleidster Dolores. Die stond waarschijnlijk al enkele uren te wachten ergens bij het begin van de dertig kilometer. Ik had het met haar te doen. Dit was eigenlijk geen weer voor een warmbloedige vrouw zoals zij. Ik ging maar wat harder lopen ook omdat Constance me vertelde dat de groene ballonen naderden.

De dertig kilometer passeerde ik soepeltjes. Dat wil zeggen. Die gevoelige enkel van in het begin voelde ik niet meer. Ik had geen honger of dorst. Ik liep gewoon door. Wel maakte ik me een tikkeltje zorgen over de tijd die we de afgelopen kilometers hadden verloren. De groene ballonen liepen in de buurt. Constance had haar stabiele tred nog steeds. Al zag ik ook bij haar tekenen van vermoeidheid.

Ik ging wat meer rechts lopen. Ik had immers Dolores gevraagd om na de dertig km te gaan staan. Ergens aan de rechterkant. Ik was benieuwd of het gelukt zou zijn. Even later wees Constance naar een bushalte. Daar onder stond ze te schuilen voor de regen. Ze had me al gezien. Mijn ogen werden groter net zoals mijn glimlach. Ik was even bang dat ik uitscheurde. Ik liep naar haar toe wat niet zo moeilijk was want ik liep al bijna tegen de stoeprand. Ik spreide mijn armen en ontving haar warme knuffel. Ze gaf me een zoen en fluisterde in mijn oor “adem in.. adem uit.. het ziet er goed uit.” Verder zei ze dat ze ok was en dat ik het makkelijk ging redden. Ik knikte bevestigend. Ik wilde blijven. Het was zo lekker warm. Ze gaf me een pets op mijn gespierde billen en schreeuwde dat ik zo maar door moest gaan. Ik knikte, keek haar diep in de ogen en gaf haar nog een zoen. Ik ging door. Ongelofelijk dat je in 10 seconden zoveel energie, warmte en liefde kon krijgen. Ik voelde me als herboren.

Constance schreeuwde naar me. “Kijk daar!”. Ik zag Dolores staan. Ze haaste zich naar de rand van de weg. Ik was even heel diep in gedachten geweest. Even helemaal eruit. Ze liet een kleine groep bij elkaar geraapte yoga-fans verbaasd op een grasveldje achter. Ze schreeuwde “adem in, adem uit.. ontspan je voeten.. denk aan je houding..” en nog meer van dat soort teksten naar me. Met een brede glimlach gaf ik haar een korte warme knuffel en een zoen op haar wang om weer snel bij Constance aan te sluiten. Het laatste deel van de marathon was begonnen.

Langs de kant was het ietsje drukker maar nog niet om over in een blog te schrijven. Gelukkig was er wat entertainment langs de kant. Een groepje optimisten presenteerde op een zeer decoratieve manier een fiks aantal aanmoedigingen op kleurrijke borden. Verder zag ik oud minister Ronald Plasterk gecamoufleerd met hoed langs de kant staan. Ik had hem toch herkend en met een politiek correcte high five nam ik de sportieve aanmoedigingen in ontvangst. In de laatste tunnel stond Loesje als een zotte mijn naam te schanderen. Wat kan die vrouw schreeuwen. Niet normaal.. Meters na de tunnel hoorde ik nog steeds mijn naam.

Verder had mijn lichaam nog een verrassing in petto. Ik voelde al een paar kilometer een blaar aan de linkerkant van mijn rechtervoet. Waarschijnlijk door een flink stuk eelt wat ik niet voldoende onderhouden had. Een paar kilometers voor de finish voelde ik de blaar open gaan. Het leek zelfs alsof ik hem hoorde.. Alsof er fietsband knapte..

Goed.. Waar zou Juf zijn? Vast al een flink stuk voor ons. Constance liep nu een paar meter voor me. De groene ballonen zag ik in de verte. Ik had me voorgenomen om bij de 40 te versnellen als dat er nog in zat tenminste. Langs de kant zag ik Marcus staan.. Kramp.. Ik schreeuwde dat hij moest aanhaken. Hij keek me vermoeid aan. Hij zou wel willen maar.. Kramp.. Juf had dat ook al gevraagd. Die liep kort voor me. Ow? Later hoorde ik dat de fans in Apeldoorn met spanning de race tussen Juf, Constance en mij hadden gevolgd. Met groot geld werd er gewed waarbij een aantal echt dachten dat Juf toch nog ingehaald zou worden.

Ik bedacht me dat ik wellicht wat eerder zou gaan versnellen. Snel scande ik de lopers voor me, op zoek naar bruggenhoofden.. Inmiddels liep Constance op ongeveer 50 meter. Op 150 liepen de groene ballonen en daarvoor ergens Juf. Eerst maar Constance.. Die leek dichtbij maar toch was het lastig om haar in te halen. Het leek alsof ze voelde dat ik eraan kwam.. Ze versnelde gewoon. De groene ballonen leken wel dichterbij te komen. Juf was nog nergens te bekennen..

Rennend uit het Vondelpark met nog enkele duizenden meters voor de finish had ik de groene ballonen bij gehaald en Constance liep net voor me. Het kon nooit ver zijn. Ik was moe maar had nog voldoende energie voor een eindsprintje. Sprintend over de finish na meer dan 42km hardlopen. In een tijd van onder de 4:00.. Dat kon haast niet meer mis gaan.

Nog een draai naar rechts en daar lag het majestueuze olympisch stadion. Duizenden juichende supporters langs de kant. Hier wel. Een ambulance reedt het parcours op en me bijna voor de sokken. Het zal je toch gebeuren. Nou ja.. In ieder geval direct een ambulance in de buurt. Blijkbaar was in het stadion iets mis gegaan met hardloper(s). Op de sintelbaan stonden al meer ambulances. Hopelijk viel het mee. De tribunes waren redelijk gevuld. Geëmotioneerd zette ik nogmaals aan. Finishen in het olympisch stadion. Dat wilde ik delen. Ik zocht op de tribunes een donkergroene jas met nepbont kraag. Niet te doen.

De laatste honderd meters. Tranen over mijn wangen. Twee vuisten in de lucht. Met een grote glimlach over de finish. Groene ballonen achter me.. Constance net voor me. Tijd onder de 4:00!! Moe en tevreden. Benen ok. Armen ok. Schouders pijnlijk.. Rug stijf. Door.. Drinken.. High five Constance.. Drinken.. Medaille om de nek.. Door.. Juf stond daar te wachten. Net binnen.. High five.. Koud.. Honger.. Plastic poncho om mijn lichaam.. Druk.. Enorme rij bij de uitgang.. Naar buiten.. Frisse lucht.. Warme knuffel..

Dolores stond buiten te wachten maar waar.. Bij de poncho’s.. Zag ik op de What’s App. Hoe deden we dat vroeger? De poncho’s? Die had ik in het stadion al gekregen. Ik zag Brok en Meisjevan met krukken staan. Wat was er met haar?.. Later vragen.. Brok had super goed gelopen. Dubbele high five! Achter het afgetrainde slanke lichaam van Brok stond Dolores. Ik viel in haar armen. Ze sloeg een warme deken om me heen. Ze zei “adem in.. adem uit.. Ontspan maar..” Ik deed mijn ogen dicht. Alles was donker. In de verte zag ik een fel licht. Het scheen mijn pad. Ik zag de contouren van een vrouw. Ik zweefde er naar toe.

Brok vroeg of ik lekker had gelopen. Nog helemaal in trance knikte ik ja. Ik opende mijn ogen. “Wil je wat te eten.. te drinken?” vroeg Dolores. “Drinken ajb..” Ik zette volledig ondersteund door haar de fles met suikerwater aan mijn dorstige mond. Ik voelde mijn benen stijf worden. Juf en Constance waren nergens meer te bekennen. Dolores sloeg haar arm om mijn middel en een schouder onder mijn oksel. “Blijven bewegen” zei ze beetje streng “anders word je stijf”. Dat leek me zeker niet de bedoeling.

We liepen naar een bankje vol met achtergelaten plastic poncho’s. Dat zat in ieder geval droog. Ik had het koud.. Ik rilde over mijn hele lichaam.. Ik wilde een droge warme broek. Dolores pakte de joggingbroek uit haar tas. Ik keek haar met stralende ogen aan. Ik kon amper bukken. Ze opende de veters van mijn schoenen en trok ze uit.. Mijn voeten deden zeer. Ik durfde nog niet te kijken naar mijn tenen. Laat staan naar die open gesprongen blaar.

Dolores trok mijn broek aan, daarna mijn schoenen.. Ze gaf me een warme trui en dito blik. De tranen stonden in mijn ogen. “Wil je wat eten?” vroeg ze.. Ik heb hier een vega proteïne reep. Gretig nam ik hem aan. Ik nam een hap en met het laatste restje energie werkte ik een flink stuk naar binnen. Langzaam begon ik op te warmen. We liepen naar de auto. Ik wilde naar huis. Ik wilde in bad.. Ik wilde naar bed.. Slapen..

Dolores starte de auto en reed het lange stuk naar huis. De energie kwam langzaam maar zeker terug. Mijn benen voelden ok. Ik begon weer praatjes te krijgen. Begon te vertellen over de bijzondere start in het stadion, de files onderweg, het gejoel van de lopers onder het Rijksmuseum, de groene ballonen, zwikkende enkel, Juf, Constance, die zingende man in dat bootje op de Amstel, het vreselijk saaie stuk, knappende blaren, oud minister Plasterk, heuvel op in het Vondelpark, ambulances op het parcours en de tranen bij de ingang van het olympisch stadion. Ik hoorde haar denken.. Adem in.. Adem uit.. Ontspan je kaken..

Ze zette me thuis af en hielp me uit de auto. Nam de sleutels uit mijn handen en opende de deur. Zonder enige aarzeling liep ze naar de badkamer en opende de warme kraan van het bad. “Zo.. Vanaf nu moet je het zelf doen.” zei ze. “Je hoeft van mij niet weg” zei ik adrem.. Tja.. Ik had eigenlijk nog best wel zin om nog wat ontspannende yoga oefeningen te doen. Al gaven mijn beenspieren me een heel andere boodschap. Ze lachte en liep naar de deur.. Bij de deur draaide ze zich om.. “Het was leuk” zei ze met verleidelijke ogen. “Hopelijk had je wat aan de yoga.. Wellicht kunnen we het vaker doen..” Ik glimlachte van oor tot oor en knikte gretig ja.. “Wellicht een volgende marathon..” zei ze met een glimlach. “Barcelona? Dan zie ik je daar..”