Als de mist om je hoofd is verdwenen..

Men zegt wel eens dat lange afstandlopen vooral een mentale sport is. Hoho.. wacht even.. niet gelijk protesteren. Natuurlijk gaat die marathon, trail of ultra uiteindelijk in je bovenbenen zitten. Ja, en in je kuiten. En natuurlijk in je onderrug en bilspieren en soms krijg je zwarte teennagels.. Klopt allemaal.. en toch zit dat langeafstandlopen ook in je hoofd. Om precies te zijn.. tussen je oren.

Wie herkent bv. dat moeilijke moment niet.. als je je schoenen strikt, naar buiten kijkt en het keihard ziet plensen. Of wellicht nog erger als hagel, wind en nog meer van dat soort ongein aan je neus voorbij trekt. Als je dan eindelijk loopt, dan gaat het wel. Alhoewel je tijdens zo’n nat loopje toch ook nog moeilijke momenten kunt hebben. Pak je wel of niet dat extra tempootje, heuveltje of rondje. Uiteindelijk doe je het toch.. omdat het kan.. denk je..

En soms moet je er gewoon maar niet te veel over na te denken. Zo was daar opeens de tryout voor de nieuwe marathon van Apeldoorn. De MidWinter Trail Marathon van Apeldoorn georganiseert door onze eigen AV34. De brutale en toch dappere reactie op het verdwijnen van de MidWinter Marathon (zie ook MidWinter: https://bigsmilerunning.wordpress.com/2015/01/17/de-midwinter/). 42.195 meter ploeteren over heuvels, door heidevelden en door het mulle zand.  En ook even lang genieten van de Kootwijkerzandvlakte, Hoog Soerense heide en andere must see natuurmonumenten. En voor de mindere en vaak gezellige goden was daar dan 34 km lange “pussy” versie.

Dus stonden we op een barbaars vroege zondagochtend in de kantine van AV34. Slaap nog in de ogen, koffie net naar binnen gegoten.. mond nog vol met die extra boterham en banaan. Buiten was het net boven nul, met een matige wind maar de zon scheen. Op een blijkbaar stevige tafel in de warme kantine stond de organisator met een zekere stelligheid en enthousiasme nogmaals uit te leggen waarom Apeldoorn en omstreken een marathon verdient.  En owja.. De sympathieke clubman vertelde verder ook dat die kortere tocht niet toevallig 34 km lang was.

Hij kreeg de volledige aandacht van de crème de la crème van langeafstandlopend Apeldoorn. Gepakt en vooral gezakt stonden zij rustig te luisteren. Ik zag Chef, Willem en zijn broer Ed, Vos, Boss, Trainert. Allen bekend van diverse marathons, ultra trails en andere weerzinwekkende langeafstand tochten die zij liefkozend uitdagingen noemen. Ja, dat zijn inderdaad die gasten die dinsdag- en donderdag-avond trainen.. en natuurlijk zaterdag en owja ook nog zondag een rondje van minimaal 20km. In de wandelgangen worden zij ook wel de “Grote Jongens” genoemd.

Daarnaast waren er nog wat onbekende fanatiekelingen. Een man die zijn schoenen was vergeten. Vroeger op de lagere school had je dan de keuze tussen terug naar huis om je gymspullen te gaan halen of op blote voeten gymen. Deze man had tot mijn verbazing duidelijk voor het laatste gekozen. Natuurlijk liepen een groot aantal mannen en vrouwen met infuus in hun rugzak en slang in hun mond. Verder liepen diverse mannen in volledige expeditie noordpool bepakking compleet met muts, handschoenen, lange onderbroek. En dat terwijl de zon scheen.. Maar ja MidWinter is MidWinter..

Goed.. Ik dwaal af.. We kregen inderdaad de keuze om de gehele marathon of de 34 km te lopen. Mijn keuze was overduidelijk. Begeleiding voor 11km, 10 km of 9 km per uur was aanwezig en zou met ons meelopen. Iedereen kon kiezen uit zijn eigen tempo. Een enkele geblesseerde trainer fietste mee op zijn mountainbike. Normaal gesproken heb  ik het niet zo op mountainbikers maar in dit geval maak ik een uitzondering. Of dwaal ik nu weer af? Goed.. Nogmaals mijn keuze was duidelijk. Ik liep mee volgens de olympische gedachte. Al moet je er een hele medicijnkast voor slikken.. Mee doen is het belangrijkste.

Nu nog bepalen wat je eigen tempo is. Dat is altijd lastig. Het was voor mij alweer heel lang geleden dat ik zo’n afstand liep. Je eigen tempo is altijd het fijnste. Als je tenminste weet wat je eigen tempo is. De meeste hardlopers praten te pas en te onpas over hun eigen tempo. Maar als je vraagt hoe hard dat dan is dan komen ze met schattingen tussen de 10 en 13 km/u afhankelijk van wind en windrichting, het eten, temperatuur, de hoeveelheid seks per week, de vorm van de dag en nog meer van dat soort steekhoudende argumenten. Maar goed ik dwaal weer af.. Als je met anderen meeloopt dat loop je vaak te langzaam of te snel. Voor even is dit niet erg. Uiteindelijk breekt het je. Daarom koos ik maar even de langzaamste groep. Liever te langzaam dan te snel. Traditioneel is dit ook de meest gezellige groep. En verder levert het geen bonuspunten op om zwalkend en kotsend over de finish te gaan. Nu ben ik nogal visueel ingesteld en ik kan je vertellen dat dat er een stuk minder gezellig uit ziet.

Dus pussy afstand en ditto tempo.. Prima.. Ik zat er niet mee. Eens even kijken hoe het zit met de gezelligheid. Yep.. Paard was er. Zijn vrouw was er trouwens ook en zorgde ervoor dat het zaken niet in de soep liepen. En dat vrouwtje van zondag, Hoeheetzeookalweer, was er ook. Best gezellig dus. Je zou haast zeggen met al die infusen dat we in de kantine van het plaatselijke ziekenhuis zaten. Was het niet dat bijna iedereen stond en er behoorlijk fit uit zag. Goed voorbereid voor een trail marathon of in mijn geval de pussy marathon.

En daar gingen we.. De eerste kilometers zouden we samen lopen. Goed.. ik ken die gasten. Rustig an.. daar hebben ze nog nooit van gehoord. Mooie route trouwens.. Jaren geleden ging ik voor het eerst met de mountain bike (tja..) over die single track boven op het talud naast de spoorbaan. Prima parcours voor die smalle bandjes, eigenlijk net te smal om te lopen. Nu voelde die single track heel anders. Onderweg stond Chef op ons te wachten. Het zat hem niet mee. Last van zenuwen. Hij haakte af en werd zonder enige vorm van mededogen gestript van al zijn voedsel en eten. (red. hij heeft uiteindelijk als vanouds als eerste de finish nog weten te bereiken.)

Bij de 8 km werd op elkaar gewacht. Nou ja.. eigenlijk wachten de grote jongens op een aantal achterblijvers. Die waren ten onrechte en profiterend van de gezelligheid in mijn groep terecht gekomen. Terwijl we ze achterlieten bij de trappelende fanatici sjokte mijn groep vol goede moed en zonder enige terughoudendheid verder naar het absolute hoogtepunt van de tocht.

De Kootwijker zandvlakte.. Nee.. nog even geen hoogtepunt. Meer een soort dieptepunt. Kilometers mul zand, kuilen en gaten. Bijna onbegaanbaar.. was het niet dat iemand had geprobeerd het pad voor ons te vereffenen. Ergens sympathiek en toch zinloos. Een paar kilometer voor het eind hield het plotseling op. Ik weet dat je in zo’n trail niet alles kunt hebben en toch is dit wellicht een puntje voor de evaluatie.

Daarna nog langs fraai stukje afrastering midden op de Veluwe. Nee.. ik was niet afgedwaald. Er stond echt een lage en toch stevige omheining. Later begreep ik dat die geplaatst is ter bescherming van de Wisent, de Europese Bizon. Die gaan ze hier in de voorjaar uitzetten. Op vakantie in Canada was vertelde ze me juist dat het prikkeldraad het einde van de Bizon betekende en hier.. tja.. maar nu dwaal ik toch weer echt af. En doorrr..

Even verder doemt in de verte door de vage misbanken heen een imposante bouwwerk op. De kathedraal, voormalig zendstation gebruikt om te communiceren met de koloniën.. en met het risico om weer af te dwalen.. gebaseerd op de Sfinx in Egypte.. Met zijn zeker 50 meter hoge toren absoluut een hoogtepunt te noemen. Ik werd er stil van. Al ben ik toch al niet zo’n type wat gillend op zijn hoogtepunt komt. Dit is heilige hardloopgrond voor elke zich zelf serieus nemende hardloper achter Stroe. De traditie vereist dat de kathedraal ook altijd even aangeraakt moet worden. Nee, zwaffelen is ten strengste verboden.. Maar wel even met je hand langs het beton.. Sommige kussen hem.. Ik raad dat niet aan. Zelfs niet als je er van uit gaat dat de meeste hardlopers zich houden aan het al eerder genoemde verbod.

Of het nu de mistbanken waren of wellicht had ik hem gewoon niet zien aankomen. Opeens stond hij naast me. De man met de hamer, dhr Hongerklop. Opeens had ik zwaar behoefte aan water, eten en warmte. Gelukkig stond achter de kathedraal op de parkeerplaats een eet en drinkpost. Of was dat een fata morgana? Had het gebrek aan drank en voedsel tot waanvoorstellingen geleid? Ik strompelde op mijn laatste krachten richting de parkeerplaats. Ik zag een bijzonder mooie glimlachende vrouw sprekend over de mysterie van de liefde. Ze vertelde mij over de geschiedenis van de loodsen waarin zich een knus en liefdevol theater bevond. Over zoete en zalige zondagen. Ik zag bloemen en bijen en een ondergaande zon.. en werd redelijk bruut met twee zware benen op de grond gezet door de vraag of ik thee wilde..

En toch warme thee.. Hoe kan zo iets kleins en warms zo ontzettend welkom zijn? Ik voelde de warmte van binnen en daardoor des te meer de kou aan de buitenkant. Of kwam het door de straffe gure wind op die parkeerplaats. Yep.. nog een puntje voor de evaluatie.. En ook al was de warmte van het theater immer dichtbij toch voelde ik ook de neiging om op dit hoogtepunt te stoppen. Mijn groep wilde weer vertrekken. Ik wilde blijven.. Warmte..

Ja.. ik dwaalde weer af. Natuurlijk moest ik door. Natuurlijk kon ik door. Natuurlijk ging ik door. De bezemgroep onder leiding van de net geopereerde Vos had even op me gewacht. Voor hem een geheel nieuwe ervaring om eens een keer rustig an te lopen. Paard was al door gelopen. Hoeheetzeookalweer was al lang en breed vertrokken. Maar zoals altijd wacht de groep op de laatste loper. Ook al wordt altijd een klein percentage slachtoffers ingecalculeerd. Ze laten in principe niemand achter. Zelfs niet als de persoon in kwestie op zijn hoogtepunt wil stoppen.

Het pad terug naar de baan was zwaar en heuvelachtig en lastig en ongeplaveid. Had ik al zwaar gezegd? Zwaar dus.. ik dacht dat ik er bijna was. Ik was er nog lang niet. Vos en nog wat mede gebezemde lopers trokken me mee naar de baan. Pratend met zachte G over Limburg en carnaval en verkleden en weet ik veel. Het maakte me allemaal niet meer uit. Ik wilde naar de atletiekbaan. Maar iedereen weet dat we pas op de baan zijn, als we op de baan zijn. Wie had bedacht dat we ook nog langs de spreng moesten en die laatste steile heuvel hoefde voor mij ook niet echt meer.

En toch ging ik door. Natuurlijk ging ik door. Ik moest immers toch naar de kleedkamer. Daar stond ook mijn auto. De laatste kilometers gingen op de automatische piloot. Al had ik de indruk dat het een Argentijnse was, vliegend boven de oceaan. Een oceaan om in te schuilen. Ai.. ik dwaal weer af.

Daar was dan eindelijk de baan. Ik was de laatste. De vrouw van Paard stond al klaar met de warme soep. Ik wilde in haar armen vallen maar was bang dat ze dat verkeerd zou opvatten. Dan maar die stoel bij het raam. Voorzichtig mijn schoenen uit. Ai.. was dat een goed idee? Om me heen zag ik bedenkelijke gezichten. Ogen dicht. Hoeheetzeookalweer en nog wat anderen kwamen voorzichtig controleren of ik nog ok was. Ik had inderdaad even een momentje nodig. Ogen nog verder dicht. Ik zag tussen de poten van de Sfinx een warm bad. Ik was klaar. Ik was helemaal klaar. De soep was heet opgediend en zou nooit zo heet gegeten worden.

Ik had het gehaald. Niet vragen hoe. Ik was doorgegaan, afgedwaald, had toch vol gehouden en was zeker niet gestopt. De aanhouder wint zeggen ze wel eens. Tja.. ik was toch echt als laatste binnen. Zouden de laatsten toch de eersten zijn? Wellicht maar niet te veel over nadenken..

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *