De laatste test voor de Marathon van Eindhoven

Men had me aangeraden om van te voren nog een keer een flink stuk te lopen, tenminste 35 km. Het leek me daarnaast altijd al een keer mooi om dwars door de Hoge Veluwe te lopen. Dus afgelopen woensdag de laatste test, in een schraal zonnetje, eerst lopen richting Beekbergen, langs de Loenermark, langs Terlet en dan richting Deelen. So far so good.

Langzaam maar zeker werd het donker. Erg donker.. Ik schrok me kapot toen een groepje wilde zwijnen een paar meter van me vandaan het bos in wegvluchtte. Gelukkig hield de bewaking van de Luchtmachtbasis me een beetje in het oog. Ze reden een paar keer langs, waarbij ik vriendelijk zwaaide als dank voor het licht uit de koplampen. Ik had wel reflecterende kleding aan maar de bijbehorende lampjes moeten weer aangeschaft worden. In de verre omtrek geen boerderij te zien. Waar ging die dronken fietser dan naar toe? “Goed bezig!” schreeuwde hij waarschijnlijk jaloers op mijn rechte looplijn. Ik ben nog nooit zo blij geweest om een werkende lantaarnpaal te zien.

Hoenderloo zorgde voor wat verlichting, letterlijk en figuurlijk. Mijn hoop ging uit naar de weg van Hoenderloo naar Apeldoorn. Pikke donker… De bijna volle maan scheen me een beetje bij.  Maar nu het bos steeds dichter werd had ik daar niets aan. Slechts mijn Iphone gaf een zwak licht.

Runkeeper hield me op gezette tijden gezelschap, al vond ik zijn boodschap minder prettig. Mijn gemiddelde snelheid daalde namelijk snel van het constante 11,3 naar onder de 11 km/u. Ik verloor mijn krachten, wellicht logisch en te verwachten. Continue voelde ik de status van mijn voeten, enkels, benen en knieen. Ze waren ontspannen, dat ging goed. Last had ik alleen van mijn schouder. Bij mijn rechterschouderblad zit een spier, die zich spant bij het hardlopen. Of wellicht ontspant die zich niet.. opmerkelijk.. Maar goed ik was er bijna. Nog even door het uitgestorven Ugchelen en dan eindelijk thuis, een tocht van uiteindelijk ietsje meer dan 40km.

Drie van mijn 4 primaire behoeftes waren niet vervuld. Ik had het koud, dorst en honger. Mijn lange broek en shirt met lange mouwen hadden uiteindelijk de kou niet tegen kunnen tegen houden. Pas toen ik thuis was drong het tot me door. Eerst maar even douchen en drinken.. veel drinken.. Onderweg had ik toch voldoende gedronken en gegeten, dacht ik. Zelfs had ik nog zo’n gelletje uitgeprobeerd. Ging allemaal goed, maar thuis aangekomen hakte het er allemaal in. En koud.. ik bleef maar rillen. Ik merkte dat ik diep was gegaan.

De volgende dag geen last van mijn benen. Die spier in mijn schouder voel ik echter wel. Die zal me nog wel even laten herinneren aan een mooie tocht, die ik goed startte maar die brede glimlach kwam pas terug toen ik na 3 uur en 3 kwartier mijn huis weer zag.

Een gedachte over “De laatste test voor de Marathon van Eindhoven

  1. Knappe training. Wel een beetje ver. Het is inderdaad zo dat je in je marathonvoorbereiding best een aantal 30-ers loopt. Zo weet ik uit ervaring dat voor mij 2 30-ers te weinig is, 6 teveel en 4 à 5 ideaal. Maar 40km is wel ver hoor, meestal loop je tot max35km, je wil immers niet overtraind aan de start staan. Nu goed uitrusten is dus de boodschap. Nu ja, je hebt wel de mentale opsteker dat als je 40km kan lopen, 42km ook wel zal lukken 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *