Go with the flow..

Een spirituele ervaring. Dat was het. Iedereen weet dat deze blogs altijd en alleen maar over hardlopen gaan. Maar die trail van het afgelopen weekend had gewoon verdomd weinig met hardlopen te maken. Ik zat in een 2,5 uur durende trance, gewoonweg bovennatuurlijk. Vergeet Runnershigh. Dit was Runnershigher.. Wat zeg ik? Dit was Runnershighest! Ik zat zo gigantisch in de flow. Het deed soms gewoon een beetje zeer. Lekker..

Zaterdagochtend. Het was absoluut niet nodig om op buienradar te kijken. Het was zeikweer. Het regende pijpenstelen en door de bewolking zag het er uit alsof het voorlopig niet droog zou worden. Veel zuurstof in de lucht zou de Juf zeggen maar dit sloeg alles. In een aantal dorpjes op de Veluwe waren ze al druk bezig om een Ark te bouwen. Ik zat in de hoek van een modderige tent, ergens in Arnhem Noord, me voor te bereiden samen met nog een tiental andere idioten. Buiten regende het zo hard dat zich op de grond een stroompje had gevormd die dwars door de tent liep. In mijn hoek was het redelijk droog. Het koude tentzeil waaide tegen me aan. Door een kier zag ik buiten mensen met regenpakken en laarzen lopen.

Safari trail 2016. Wie zijn idee was het om hier vandaag te lopen? Normale mensen blijven lekker binnen, maken chocolade melk, zetten de verwarming nog wat hoger en denken na over wat ze de volgende dag gaan doen. De regen sloeg nu nog harder op het tentzeil. Ik probeerde mezelf te vergeefs moed in te praten door te denken dat we pas over een kwartier zouden gaan starten. Constance, mijn hardloopmaatje van vandaag, stond zich nog af te vragen of ze met korte mouwen of lange mouwen zou gaan lopen. Tja.. het leven bestaat uit lastige beslissingen. Ze wilde het immers niet te warm krijgen. Ik dacht aan die ene warme plek.. thuis..

Naast ons zat een man met een korte broek en shirt met dito mouwen. Zucht.. sommige mensen zijn echt hopeloos van het padje. Aan de andere kant van de tent stond een vrouw met handschoenen en wollen muts haar derde laagje aan te trekken. Een volgende hoosbui terroriseerde de tent. Een oud chinees spreekwoord zegt: “Life isn’t about waiting for the storm to pass; life is about running in the rain.”. Ik nam een besluit en ging naar buiten. Mijn blik was als Hannibal die met zijn olifanten voor de Alpen stond. Ik trok de rits van mijn jack nog wat hoger en stapte de regen in.

Ik zocht naar een plas. Niet de moeilijkste opgave van vandaag. Vlak voor de start lag een flinke. Ik stapte er naar toe en ging er in staan. Dus hier maakte iedereen zich zo druk om. Het water voelde nat maar warmer dan ik dacht. Ik keek naar mezelf in de plas. Ik had een verbeten gezicht en het leek alsof mijn pupillen groter dan normaal waren. Ik spande mijn spieren en sprong tot verbazing van omstanders keihard in de plas. Zo.. dat was dat. Nat tot aan mijn enkels. Dat hadden we dat alvast maar gehad.

Bij de start stonden ongeveer 50 hardlopers te bibberen in de stromende regen. Voor ons lag een reeks modderpoelen, plassen en ander nattigheid, gedrapeerd door bladeren en een incidentele hoop paardenstront. Dit was ons parcours. Wat was geïnitieerd als een doodnormale en toch ook mooie 22 km lange trail was door de aanhoudende regen veranderd in een ordinaire mudrace. De langste van Nederland.. Om me heen zag ik verbazing en respect in de ogen van mijn medelopers. Ik moest aan mijn moddermaatje Jip denken. Ik ging genieten voor twee. Dat stond vast.

Ik moest en zou elke plas en modderpoel nemen alsof dit het laatste was wat ik zou doen. Constance probeerde zoveel als mogelijk de nattigheid te ontwijken. Ze liep eerst een pas achter me. Na een paar spetterende waarschuwingen ging ze een paar meter achter me lopen. Ik had mijn spatlappen thuis gelaten dus geheel smetteloos zou ze daar ook niet zijn. Het maakte me niet meer uit. Ik had al voor de start het opgegeven om droog te blijven. Ondertussen kregen we heuvelop nog een flinke plensbui over ons heen. Zo.. dit zal ze leren.. dacht ik met enig leedvermaak.

We hadden de piek op buienradar al zien aankomen. Zo’n blauwe piek in de voorspelling voelde in het echt toch anders.. natter.. Heuvelaf liep een inmiddels een fix stroompje. Als het water had besloten dat dit het ideale pad was waarom zou dit voor mij dan anders zijn. Dit was “Go with the flow” zoals het bedoelt was.

De gekozen omgeving langs het parcours had door de grijze lucht helemaal niets van zijn schoonheid verloren. De verlaten bossen en heidevelden lagen er prachtig bij. Wij hadden echter amper tijd om er echt van te genieten. Balancerend ging ik boldly where no man has gone before door elke plas. Een, in de verte gespotte door de natuur gecreëerde, klein formaat vijver midden op ons pad leverde bij mij ondertussen een klein intern juich-moment op. Ik voelde me als een huismoeder die in Zuid Frankrijk eindelijk de eerste CarreFour ziet. Mijn pupillen werden steeds groter. Aan de andere kant van deze korte waadi stonden een aantal medelopers te fotograferen. Ik zette kort aan en ging ervoor.

hardloopblog Safari Trail

Dit bleek slechts een poel van de tweede categorie. Even voor de duidelijkheid een samenvatting:
Plasjes van 1e categorie komen in Nederland het meest voor. Deze zie je vaak op straat. Kleine kinderen spelen er graag en ouders maken daar video’s van. Tenzij ze hun zondagse outfit aan hebben. De wit gesokte mountainrijder fietst hier liever langs.
Een poel van de 2e categorie is er een waar je zeker tot en met je enkels door heen gaat. Je kunt door de modder niet precies zien hoe diep ze zijn. Pas op voor onderliggende verborgen bandensporen. Die zijn soms nog hard en dieper dan verwacht.
Door een plas van de derde categorie ga je niet zonder natte knieën. Slipgevaar is duidelijk aanwezig. Eigenlijk is het nat worden van je slip geen waarschijnlijkheid maar een zeer grote zekerheid.
De 4e categorie bestaat vooral uit sloten, waadi’s en andere plekken waar je zeker tot aan de middel door het water gaat. Eigenlijk niet te doen zonder een wetsuit of duikerspak.
Als het parcours je leidt naar water van de 5e categorie, dan weet je haast zeker dat je verkeerd ben gegaan. Deze boven categorie nattigheid komt alleen in de tropen voor. Daar moet je dan ook uitkijken voor slangen en andere tropische fauna.

Ik dwaal af. Een poel van de tweede categorie dus. Een van de fotografen besloot met ons mee te lopen. Ellen was altijd bang voor natte voeten omdat deze blaren zouden opleveren. Ik voelde aan mijn water dat het geen zin had om deze slanke mooi-weer atlete te overtuigen dat het toch echt leuker was om wel door de modder te gaan. De enige manier was om het voor te doen. Gelukkig had de organisatie nog wat leuks voor ons in petto.

Bij de volgende serieuze beproeving stond een paniekerige vrijwilliger aan te geven dat het beter was om over het glibberige randje van dit klein formaat waterdrinkplaats van de lokale big five te gaan. Dat zag er onhandig en beetje slipperig uit. Een rijtje hardlopers keken redelijk jaloers vanaf hun glibberigge randje terwijl ik zonder enige aarzeling dwars door deze gigantische plas ging. Met een brede glimlach peilde ik ondertussen welke categorie deze frisse jongen was. Ja.. een nat kruis.. duidelijk eentje van de derde categorie. Zo hebben we ze niet in Apeldoorn. De vrijwilliger was even stil en commentarieerde onvoorstelbaar droog toen ik voorbij hem en het voorzichtige rijtje medelopers snelde.. “tja.. zo kan het natuurlijk ook..”

Dit bleek achteraf nog een redelijk beschaafde versie te zijn. Maar daar later meer over. Ellen vertelde nogmaals aan me dat ze echt geen blaren wilde. In het droge gelegde Almere had ze er nooit last van maar hier was het toch echt bar en boos. Ik hoorde haar verhaal lachend aan. Ik merkte dat Constance het omzeilen van die plassen ondertussen ook zat was. Ze liepen ettelijke kilometers verder dan ik door al dat nutteloze geomzeil of omgezeil. Achter mij hoorde ik korte hoge gilletjes. Ze had het naar haar zin. Uiteindelijk wilde Ellen het toch ook wel proberen. Voorzichtig nam de eerste modderpoel haar mud-maagdelijkheid. Tevreden keek ik achterom om te zien dat ze zeker tot haar tot dan toe onbevlekte enkels weg zakte in de modder.

We hadden al een tijdje de laatste verzorgingspost met kletsnatte verwilligers achter ons gelaten toen we heuvelafwaarts het zagen liggen. Een gigantische plas.. nee.. meer een soort brede sloot.. de moeder van alle modderpoelen. Op geen enkele manier kon je deze vermijden. Hier stonden geen vrijwilligers aan te wijzen hoe je je voeten droog kon houden. Hier had je alleen minder diepe en diepere stukken. Ondertussen was ik een modderpoel expert geworden. Ik kon van een afstand al voelen of het een warme of koude poel was. Ik kon van verre al zien waar de diepe stukken lagen. Daar moest ik dus door heen. Deze enorme plas van de vierde categorie moest dapper en met enige respect genomen worden. Maar dat ik haar zou nemen op het diepste stuk dat leek me wel duidelijk.

Een paar meter voor de duik aarzelde ik even. Maar wat kon me gebeuren? Ik had dan wel mijn zwembandjes niet om maar had ik niet ooit mijn A en B diploma gehaald? Ik schoof de Iphone wat hoger op mijn bovenarm en zette nogmaals aan. Ik nam de brede beek op het diepste plek. Ik voelde mijn enkels, bovenbenen en mijn kruis nat en koud worden. Aan bakboord zag ik een minder diepe mogelijkheid om de ven te nemen. Aan stuurboord zag ik een nog dieper deel wat de bossen in liep. Ik moest echter het parcours volgen en dus vervolgde ik mijn pad.. mijn miniatuur rivier.

hardloopblog sloot

Halverwege voelde ik mijn linkervoet weg schuiven. Mijn hart stond even stil. Geschrokken probeerde ik de balans te hervinden. Nu vallen zou niet echt fijn zijn. Ok, het was niet ver meer maar ik was inmiddels al nat en koud genoeg. Ik herstelde mijn evenwicht. Slechts met natte oksels en een bezweet voorhoofd kon ik mijn weg vervolgen. Dat ging maar net goed dacht ik lachend.

Vanaf mijn navel naar beneden was ik sowieso al doorweekt tot op het bot. Op de plekken waar geen bot zit was het al niet beter. Veel gevoel zat er niet meer in, al besefte ik ook dat wel weer terug zou komen. Snel wilde ik naar de finish. Ik begon lichte kramp verschijnselen te voelen in mijn linkerkuit. Het was klaar. Een warme stem kwam van verre tot me terwijl ik met beide enkels in de modder stond. Alles is relatief besefte ik. Ik ging door.

Het regende nog steeds. Mijn rechterkuit vond het ook al niet zo fijn. Ik liep al ruim 2 uur. Ik had het nog helemaal niet koud gehad maar nu was het mooi geweest. Gelukkig was de eindstreep snel gehaald. 4 vrijwilligers stonden koukleumend in een natte half open tent. Laat die medaille maar zitten. Ook dat finisher shirt kan me gestolen worden. Geef me die kop met snert, aankleden en naar huis.. douchen.. De beste beloning voor 22km genieten.

Snel aankleden. Droge kleren. Mijn Iphone herkende me niet meer toen ik vinger op de thuisknop legde. Vingers door het water helemaal gerimpeld. Mijn snert knarste een beetje maar na enig klagen wisten omstanders me te overtuigen dat het kwam door de modder op mijn gezicht. Tijd om naar huis te gaan voor de douche of een bad. Kramp in mijn linkerkuit. De autostoel gaf me wat warmte. Onvoldoende om het bibberen te doorbreken. Een bad leek me toch het beste.

In bad kwam ik langzaam zeker terug op aarde die van tussen mijn tenen op de bodem van het bad was gezonken. Via Facebook kwamen de eerste foto’s op mijn telefoon binnen. Ik legde mijn telefoon weg. Ik sloot mijn ogen. Langzaam zakte mijn hoofd onder water en verbazingwekkend eenvoudig was ik terug in de ochtend. Regen, plassen, sloten.. Water. Modder op mijn gezicht, op mijn kleren, tussen mijn tenen.. Aarde. Grijze luchten, veel zuurstof in de lucht.. Lucht. Geestdrift, felheid, gedrevenheid, passie, warmte, liefde.. Vuur. Ik voelde de warmte terug komen. Ik voelde het vuur van de ochtend. Een spirituele ervaring..